De gedwongen zzp’er: outsider in de politiek?

Stemmen gedwongen zelfstandigen anders? Giedo Jansen (TU Twente) zocht het uit.

113

 

Dr. Giedo Jansen is universitair docent en verbonden aan de Universiteit Twente. Zijn expertise ligt op het snijvlak van de politicologie, sociologie en arbeidsverhoudingen. Sinds 2014 doet hij onderzoek naar  zzp’ers , hun politieke voorkeuren, en hun lidmaatschap van belangenorganisaties.

Het zzp-debat in Nederland spitst zich dikwijls toe op de vraag of zzp’ers werkzekere ondernemers zijn of precaire werknemers. Insiders op de arbeidsmarkt of outsiders. Ook in het ZZP KiesKompas loopt één van de assen in het politieke landschap van ‘werknemer’ naar ‘zelfstandig ondernemer’. De posities op deze dimensie moeten uitdrukken hoe diverse politieke partijen tegen het zzp-schap aan kijken. De meest heftige politieke discussies gaan vaak over de vraag waar het werknemerschap ophoudt en het zzp-schap begint, waarbij de nadruk vooral ligt op de groep zzp’ers die outsiders zouden zijn op de arbeidsmarkt; de groep die min of meer gedwongen in (schijn)zelfstandigheid werkt en daardoor zekerheden mist die ze als werknemer wel zouden hebben gehad.

Wie is gedwongen zelfstandig en hoeveel zijn het er?

Over zowel de definitie als omvang van de groep gedwongen of onvrijwillige zzp’ers bestaat discussie. Een beknopte samenvatting van dit debat verscheen vorige week op zzpkiest.nu, waarin gesteld werd dat het aantal gedwongen zzp’ers ‘niet genegeerd, maar ook niet overdreven’ zou moeten worden. De meest gehanteerde definitie is dat iemand zzp’er is maar liever een vaste baan in loondienst wil. Op basis van verschillende onderzoeken loopt de geschatte omvang van deze groep uiteen van 6% tot 25%. Onderzoeksbureau Panteia schat op basis van het ZZP panel dat zo’n 10 tot 12% van de zzp’ers liever in loondienst zou werken als ze de keuze hadden.

Het ZZP Kieskompas zegt iets over hoe politieke partijen tegen zzp’ers aankijken. Maar hoe kijken zzp’ers tegen politieke partijen aan? Zien we het onderscheid tussen “onvrijwillige” en “zelfbewuste” zzp’ers ook terug in hun politieke voorkeuren?

Politicologisch onderzoek biedt enkele aanknopingspunten. De definitie van onvrijwillig zzp-schap lijkt namelijk op de algemene definitie die soms wordt gebruikt om ‘outsiders’ op de arbeidsmarkt (dwz. mensen zonder vast contract die wel een vaste baan ambiëren) te onderscheiden van ‘insiders’ met een vaste aanstelling. In tegenstelling tot insiders, wordt er van outsiders vaak gedacht dat ze vanwege hun onzekere arbeidsmarktpositie minder vaak op klassieke rechtse partijen stemmen. Mensen met tijdelijke contracten zijn vaak iets linkser dan mensen met vaste contracten. Ook zijn ze vaker ontevreden over de politiek, en brengen daardoor vaker een proteststem uit. Onderzoek uit 2015 laat zien dat om beide redenen outsiders bijvoorbeeld vaker op de SP stemmen.

Maar hoe zit dat met (gedwongen) zzp’ers? Het nadeel is dat veel insider-outsider onderzoek zich vrijwel uitsluitend richt op het onderscheid tussen vast en tijdelijk werk in loondienst. Zelfstandigen, inclusief zzp’ers, worden vaak voor het gemak tot de meer geprivilegieerde insiders gerekend. Zonder onderscheid te maken tussen zelfstandigen die vrijwillig zzp’er zijn en zelfstandigen die liever in loondienst zouden willen werken.

Stemmen onvrijwillige zelfstandigen anders?

Stemmen ‘gedwongen’ of ‘onvrijwillige’ zelfstandigen vaker links dan ‘zelfbewuste’ zelfstandigen? De plek op het politieke assenstelsel in het ZZP Kieskompas doet vermoeden dat linkse partijen (PvdA, SP) over het algemeen meer nadruk leggen op de precaire ‘werknemerskant’ van het zzp-schap, en liberale partijen (VVD, D66) meer op de ondernemerskant. Of vertaalt gedwongen zzp-schap zich in ontevredenheid, en brengt deze groep vaker een proteststem uit?

Met conclusies hierover moeten we voorzichtig zijn. Er zijn voor Nederland bijna geen enquêtegegevens beschikbaar die zowel naar (gedwongen) zzp-schap vragen als naar de politieke houdingen van zzp’ers. Internationaal onderzoek hiernaar ontbreekt volledig. In mijn eigen onderzoek op basis van het ZZP Panel-2014 heb ik ruim 800 zzp’ers ondervraagd naar hun politieke voorkeuren. Van de ondervraagde zzp’ers gaf slechts een klein deel aan liever in loondienst te willen werken (10%). Uitspraken over “gedwongen” zelfstandigen kunnen we dus alleen doen op basis van een zeer beperkte groep van 82 respondenten, tegenover een grotere groep van 733 respondenten die tevreden is met het zzp-schap.

Scherpe scheidslijn ontbreekt

Om partijvoorkeuren te meten vroegen we zzp’ers voor de huidige partijen in de Tweede Kamer aan te geven hoe waarschijnlijk het was dat ze hier ooit op zouden stemmen. De schaal liep van 0 ‘zou nooit op deze partij stemmen’ tot 10 ‘stem zeker op deze partij’. In figuur 1 zijn de gemiddelden voor diverse politieke partijen weergegeven, uitgesplitst naar ‘onvrijwilligheid’.  Onder zzp’ers die liever in loondienst werken is de geneigdheid om op de VVD te stemmen iets lager. Dit onderschrijft de gedachte dat zzp-outsiders minder vaak op klassiek rechtse partijen stemmen. Maar dit betekent nog niet dat ze vaker op linkse partijen stemmen.

Een scherpe scheidslijn tussen links en rechts ontbreekt. Ter linkerzijde, voor de PvdA en GroenLinks, zijn de verschillen tussen beide groepen verwaarloosbaar. Ook voor middenpartijen als D66 en CDA vallen de verschillen binnen de foutmarge (zeker wanneer we rekening houden met allerlei sociale achtergrond kenmerken). De enige andere statistisch significante verschillen zijn waarneembaar bij de SP en de PVV. Onvrijwillig zzp-schap hangt dus samen met een iets sterkere geneigdheid om te stemmen op één van de partijen aan de flanken van het partijlandschap. Maar het effect van onvrijwilligheid moet niet worden overdreven. De algemene bereidheid om op met name de PVV te stemmen blijft laag (een score van 2.5 op een schaal van 0 tot 10). En ook onder onvrijwillige zzp’ers blijft D66 de populairste partij.

Het terugdringen van gedwongen zelfstandigheid mag één van de meest prangende issues zijn in het zzp-dossier van een volgend kabinet, het effect van gedwongen zelfstandigheid is weinig bepalend voor het stemgedrag onder zzp’ers. Er zijn geen sterke aanwijzingen dat onvrijwillig zelfstandigen outsiders zijn in de politiek.

Figuur 1. Zzp’ers en hun geneigdheid* om op een politieke partij te stemmen

 

* Gemiddelden op een schaal van 0 (“zou nooit op deze partij stemmen”) tot 10 (“stemt zeker op deze partij”)

Bron: Giedo Jansen, Acta Politica (2016); gegevens: Zzp Panel, 2014-2 (N=815).

(De verschillen tussen beide groepen in de geneigdheid SP of PVV te stemmen blijven bestaan wanneer er rekening wordt gehouden met sociale achtergrondkenmerken, zie Jansen 2016)

 

 

 

0

Aanbevolen